• Stichting Geologische Aktiviteiten
  • Stichting Geologische Aktiviteiten
  • Stichting Geologische Aktiviteiten
  • Stichting Geologische Aktiviteiten
Previous Next

Deze website maakt gebruik van cookies.

Ik ga akkoord

Op meerdere plekken in zowel Nederland als België maar ook wel in andere landen is glauconiet-zand te vinden. Meestal is het geen zuivere glauconiet maar een mengsel van glauconiet en kwarts, soms ook met fossielen. Glauconietzanden vallen onder de noemer mariene zanden.

Bekende vindplaatsen zijn o.a. Cadzand, Miste bij Winterswijk, Vaals, Pesaken en in België in de kleiputten en bij Kalloo en Antwerpen. Met name in Cadzand is ook glauconietzandsteen te vinden, dat afkomstig is van zandsteenlagen uit de Eocene klei. Glauconiet komt in de zuurstof arme lagen van het sediment op de zeebodem voor. Het is ontstaan door de chemische inwerking van bacteriën op klei. Op foto 1 en 2 is te zien hoe de korrels kunnen variëren in grootte, vorm en kleur.

1 glauco1vdk
Foto 1)
2 glauco2vdk
Foto 2)

Een paar omschrijvingen

"Glauconiet is een groen gekleurd, waterhoudend mineraal ( (K,Na)(Fe,Mg,Al)2(Si,Al)4O10(OH)2 ) dat in de vorm van gelklontjes ter grootte van zandkorrels neerslaat, o.a. als omzettingsproduct van kleiig materiaal. Het wordt vaak gevonden als opvulling van foraminiferenschalen en ontstaat uitsluitend in een marien milieu op matige diepten, d.w.z. minder dan 1000 meter in gebieden met zeer langzame sedimentatie." (A.J. Pannekoek).

"Glauconiet is een mineraal, dat in zee o.m. uit biotiet ontstaat. Het is veelal nogal rijk aan de meststof kali en het komt voor als ronde intensief groene korrels. In onze oudere gronden: het Vaalser groenzand en het groene zand van Kottessen, in kleien en zanden uit het tertiair van Achterhoek en Twenthe, komt glauconiet veel voor en kleurt het dikke gesteentepakketten groen. Het verspoelt gemakkelijk en zo is het in de noordhelft van ons land in vele zanden, zij het spaarzaam, aan te treffen. Ook wordt het in zwerfstenen van kalksteen gevonden." (P. van der Lijn)

Glauconiet en limoniet

De naam glauconiet is afgeleid van het Griekse woord glaucos. Dit betekent blauw-groen. Als het blootgesteld wordt aan zuurstof oxideert het bruin. We noemen het dan limoniet.

Groep Silicaten-Glimmers Breuk Oneffen
Samenstelling (K,Na)(Fe,Mg,Al)2(Si,Al)4O10(OH)2 Dichtheid 2,4 - 2,95
Hardheid 2 Kleur Groen, geel-groen of blauwgroen-zwart
Kristalstelsel Monoklien Voorkomen: Afgeronde, korrelvormige aggregaten, doorschijnend tot opaak
Vorming In marine sedimentlagen Kristallen Latvormig of geen

Zoeken naar glauconietzand

Miste bij Winterswijk: Hier komt een afzetting van glauconiet voor met fossiele schelpen (Mioceen). Als er weer eens een nieuwe ontsluiting is gemaakt gaat fossiel minnend Nederland hier naar toe. Soms krijgt de werkgroep zand dan van een van deze bezoekers het afval, nl. de allerkleinste fossieltjes binnen de zandfractie en net erboven. Door zeven en spoelen van grotere schelpen of fragmenten wordt ook zand verkregen met een grote schakering aan biogeen materiaal.

Tijdens een recente excursie van de werkgroep zand naar de kleiput te Rumst in België vonden we ook zand met glauconiet. De bodem is in dit soort putten behoorlijk door elkaar gewoeld tijdens werkzaamheden en het vinden van een brokje verharde glauconiet met hierop een ongeschonden pecten (foto 3) behoort dan tot de uitzondering. Dit is geen zandsteen maar verhard glauconietzand t.g.v. droogte.

3 glauco fossiel
Foto 3)
4 glaugo zandsteen
Foto 4)

Op het strand van de Kaloot, bij Borsele in Zeeland zijn ook soms uitgeloogde stukjes zandsteen te vinden, soms met (afdrukken van) fossiele schelpen in een licht gekleurde kwarts ondergrond met zwarte-diep donkergroene korrels glauconiet (foto 4). Het gaat hierbij om fijnkorrelige zandsteen met glauconietkorrels.

Nader bekeken

Op het 1e gezicht zijn glauconietkorrels glad aan het oppervlak. Bekijken we een glauconietkorrel met loep of microscoop dan zien we dat deze vaak wat bobbelig is. Je ziet a.h.w. meerdere bobbels in één korrel. Vaak is de korrel zacht en kun je deze plat drukken (glauconiet in situ). De kleur varieert van groen naar heel donker groen tot zwart. Hieronder ter vergelijking verschillende glauconietzanden. Zie ook de donkere korrels op foto 8, waar het bobbelige oppervlak te zien is.

05 zand 06
Foto 5)
06 zand 07
Foto 6)
07 zand 8
Foto 7)

08 zand 09
Foto 8)

In welke Formaties komt glauconiet(-houdend) zand voor?

Maakten we vroeger, eind jaren 90, gebruik van het "groene boek" van de RGD om de (glauconiet-) zanden te vinden en te bestuderen binnen de verschillende formaties, nu zullen we de herziene indelingen in formaties eerst moeten bekijken voordat we de formatiezanden definitief kunnen "updaten". Wanneer we de hedendaagse lithostratigrafie bekijken zal het duidelijk worden, dat veel zandverzamelaars de etiketten van de monsters moeten vernieuwen met nieuwe gegevens en zo ook de registratie van de herziene verzamelde zanden op de computer.

Hieronder een niet compleet overzicht van de formaties waarin glauconiet in meer of mindere mate voorkomt. Dit wil niet zeggen dat het ook overal aan de oppervlakte ligt of makkelijk te vinden is. De formaties waarin slechts een spoortje glauconiet zit zijn weggelaten. De vroegere Formatie van Scheemda is deels opgenomen in de Formatie van Peize en heeft plaatselijk glauconiet houdend zand.
  • De Formatie van Maastricht bevat een dunne fossielgruislaag met glauconiet
  • De Formatie van Gulpen heeft zeer rijke glauconietlagen
  • De Formatie van Oosterhout (vroeger Form. v Kattendijk-Luchtbal-Kallo en deels Form v. Merksem) bevat een spoor tot weinig of veel glauconiet.
  • De Formatie van Vaals bestaat overwegend uit geel-groengrijze glauconiet houdende zanden in afwisseling met kleiige en siltige zanden, ook glauconietrijke lagen of verkitte, meer of minder fossielrijke zandsteenbanken.
  • De Formatie van Breda heeft overwegend sterk glauconiet houdend licht tot donker gekleurd zand. Aanwezigheid van glauconiet is kenmerkend. In Oost-Nederland: Laagpakket van Aalten met sterk siltig tot zandig zwart tot bruingrijs o.a. glauconiet houdend, waartoe de Lagen van Miste en Stemerdink behoren. Verder het laagpakket van Eibergen met zwak glauconiet houdende schelplaagjes. Het Laagpakket van Zenderen is glauconiet houdend en het Laagpakket van Delden sterk glauconiet-en goethiet houdend e.a. In Zuid-West Nederland heeft het Laagpakket van Rucphen matig fijn tot matig grof zand met veel glauconiet.
    TNO nomenclator
    Bron: TNO
  • De Formatie van Veldhoven: het Laagpakket van Someren en het Laagpakket van Voort bevat fijn glauconiet houdend zand.
  • In de Formatie van Rupel in de klei van Boon komen zandige kleien en kleiige groengrijze zanden met plaatselijk weinig of veel glauconiet voor. In het laagpakket van Eigenbilzen matig fijn tot matig fijne glauconiet.
  • De Formatie van Tongeren (laagpakket van Zelzate) bevat fijn glauconiet houdend zand.
  • In de Formatie van Dongen komt o.a. zeer fijn en een variabele hoeveelheid glauconiet houdend zand voor.
  • In de Formatie van Landen komt o.a. arm- tot glauconiet rijk zand voor.

Literatuur en links

  • Lithostratigrafie van het Oligoceen, Maarten van den Bosch/Piter A. M. Gaemers
  • Natuurinformatie
  • Dinoloket
  • Gids voor strandfossielen van Cadzand en Nieuwvliet-Bad.
  • Met loep en lepel rond Aachen, Gulpen en Maastricht.
  • Zandboek Vlaanderen
  • Het Keienboek van P. van der Lijn
  • Algemene geologie van A.J. Pannekoek
Foto's zandkorrels: Pieter van der Klugt
Foto 3 en 4: Anneke de Jong
  • Geen reacties gevonden
Powered door Komento

Agenda

Voor een overzicht van de geplande geologische activiteiten (voorheen GEA Kalender), zie geologie.nu