Verslag Geo-reis Marokko


terreinwagens
Anders dan voorheen wordt de gehele tocht nu in terreinwagens gemaakt. Het stelt ons in staat om de gebaande weg te verlaten en de minder bezochte, maar daarom niet minder indrukwekkende uithoeken van de Hoge Atlas en de Anti Atlas te ontdekken.Vanwege het gebrek aan vegetatie blijft Zuid Marokko natuurlijk de plaats bij uitstek om gebergtevormende structuren te bekijken. Als nergens anders zien we de tektonische krachten in de aarde tot uiting komen in de plooiingen van het gesteente en in grote breuken op de rand van het oude Afrikaanse continent. De mineralogie en metallogenie bekijken we ditmaal in een aantal kleine artisanale mijntjes waar allerlei lood-, zink- en kopermineralen verzameld kunnen worden. Marokko is ook een van de rijkste trilobietenvindplaatsen ter wereld en daar blijven we natuurlijk aandacht aan besteden, maar dan zoveel mogelijk op andere locaties. Ook het unieke stromatolietenvoorkomen ten zuiden van Ouarzazate mag o.i. niet ontbreken. Nieuw zijn de mooie dinosaurussporen in de hoge Atlas. Tenslotte bezoeken we het legendarische Marrakesh en de oasesteden in de woestijn.

trilobieten

Fossielen

Paleontologisch is ons excursiegebied wereldberoemd. Vooral de trilobieten uit de regio Erfoud en Alnif zijn bijzonder geliefd, omdat er een zeer grote verscheidenheid en zeer bijzondere vormen worden gevonden van Cambrium tot en met Devoon. Ook zijn Goniatieten en Orthoceras ruim vertegenwoordigd. Tijdens deze reis zal de nadruk liggen op deze paleozoïsche fossielen, maar we zullen ook een voorbeeld van het oudste gefossiliseerde leven op aarde gaan bekijken: de stromatolieten ten Zuiden van Ouarzazate. Deze door cyanobacteriën opgebouwde rifstructuren kennen een lange geschiedenis en komen heden ten dage nog voor in Australië. Het 600 miljoen jaar oude voorkomen in de Anti Atlas is uniek in de wijze waarop het heden ten dage weer aan de oppervlakte is ontsloten.

Mijnbouw

Op mijnbouwgebied is Marokko vooral bekend vanwege zijn fosfaten. Veel minder bekend, maar niet minder interessant zijn de metaalverertsingen die het land rijk is. Marokko produceert o.a. koper, lood, zink, kobalt, zilver en vanadium. Verder werden in het recente verleden mangaan en goud gewonnen. In de gehele Atlas wordt al sinds mensenheugenis mijnbouw gepleegd door de lokale bevolking. De gemineraliseerde aders worden gevolgd door middel van nauwe en soms zeer diepe open gangen in het gesteente. Ook ging men ondergronds in addits of via open schachten waarin men zich met behulp van een touw, bevestigd aan en een katrol en een houten driepoot naar beneden liet zakken. De voornaamste ertsen die op deze artisanale wijze werden gewonnen waren koper en lood maar ook en vooral zilver. Van het laatste getuigen vooral de zilveren sieraden die de lokale Berbervrouwen dragen en die hier nog steeds vervaardigd worden. Loodglans werd vroeger onder meer gebruikt als oogschaduw.

berber
Vanaf Marrakech reizen we in oostelijke richting naar Sidi Rahal, vindplaats bij uitstek van agaten. Een ieder krijgt de gelegenheid om hier zijn geluk te beproeven bij het vinden van een fraai exemplaar. We gaan verder oostwaarts naar Demnate waar we een korte stop inlassen om Imi n' Ifri te bewonderen, een natuurlijke brug in travertijnafzettingen die zich gevormd hebben op Jurassische dolomieten. Na de veldlunch voert de weg langzaam omhoog door dikke series van veelkleurige Mesozoische sedimenten. Uiterst fraaie pootafdrukken bij Ait Blal geven ons een indruk hoe dinosauriërs hier in zo'n honderd miljoen jaar geleden hebben rondgezworven. We bestuderen niet alleen de afdrukken maar ook de sedimenten waarin deze gevormd zijn, een soort waddengebied. Verderop vernauwen de dalen zich en voert het omhoog naar Agouti en via een piste naar Aros waar we overnachten in een afgelegen gîte. Op 2100 meter ligt nog steeds sneeuw en een aantal kachels en dekens moet ons warm houden.

Op dag 2 vertrekken we per jeep in zuidwestelijke richting en worden afgezet in de buurt van Tirsal. Na een klim van enkelen honderden meters komen we op een kleine hoogvlakte. Naar het zuiden verheffen zich de besneeuwde toppen van Adrar Rhat. We bezoeken een semi-artisanale mijn met fraaie lood/zink mineralen. Na bestudering van de metallogenie is er gelegenheid om er mineralen te verzamelen. In de middag wandelt een deel verder en dalen tenslotte af in een steil dal. De uitzichten op de geplooide veelkleurige Jura en Perm sedimenten tijdens de afdaling zijn spectaculair. De andere groep gaat de prehistorische rotstekeningen bewonderen die wat hoger in de Atlas gelegen zijn.

's Morgens in alle vroegte weer verder met de jeeps. Hemelsbreed is het zo’n honderd km van Aros naar Imilchil. Er zijn echter geen directe wegen en we zijn genoodzaakt een omweg te maken via het stuwmeer van Bin El Ouidane. Het is een vrij lange tocht met in het begin prachtig uitzichten op de Irhil M’Goun. We maken enkele korte stops in de zwarte kalksteen bij Azilal (met "forams") en de continentale serie bij Ouaouizarht. Daarna begint de klim naar Imilchil in de centrale oostelijke Hoge Atlas. Imilchil is wijd en zijd bekend in Marokko vanwege de bruidsmarkt die hier in het najaar gehouden wordt. We hebben een deel van "Parijs-Dakar" dan afgelegd, maar dan in Marokko. Ook hier, op 2200 meter is het 's avonds nog steeds koud, een kachel in de eetzaal en op de gang van de slaapkamers zorgt voor wat comfort.

Van Imilchil naar Boumalne du Dades

Ten zuiden van Marrakech wordt de Hoge Atlas gekenmerkt door vrij sterke plooiing met in de kern lokale ontsluiting van zeer oude Precambrische gesteenten en intrusie van grote granietcomplexen. In tegenstelling hiermee vormt de oostelijke Hoge Atlas een tektonisch vrij rustig gebied. Kilometers dikke sedimentpakketten vormen hier een soort opwelving waarin brede synclines afwisselen met korte sterk samengeknepen anticlines. De weg voert langs karakteristieke Berberdorpen in een brede groene vallei temidden van een kaal maar indrukwekkend berglandschap. Zo’n 30 km ten zuiden van Imilchil verlaten we het asfalt en nemen de piste naar Boumalne. Zo hier en daar hebben enorme gabbro-dykes zich een weg uit de diepte naar de oppervlakte gebaand.

De piste klimt naar ruim 3000 meter over weggetjes waar maar net een auto op past met stijle afgronden, waarna we afdalen naar de Vallei van de Dades met prachtige uitzichten naar het zuiden. De gelaagde en geplooide sedimentlagen zorgen voor onvergelijkelijke plaatjes. Niet minder spectaculair zijn de typisch verweerde zandstenen lager in de vallei. Nog weer lager komen we in de grote breukzone die de zuidelijke begrenzing van de Hoge Atlas vormt. Schots en scheef staande veelkleurige lagen vormen een schril contrast met het groen van het dal.

Weer vroeg op en op weg van Buomalne naar Erfoud

crinoiden
We zijn weer terug op het asfalt en de zon doet vrolijk zijn werk... De tocht voert nu langs de noordrand van het Afrikaanse schild. In het noorden ligt de Hoge Atlas, naar het zuiden de Anti Atlas met zijn oude Precambrische gesteenten. Verder loopt de weg voornamelijk over vrij recente alluviale afzettingen met aaneenschakelingen van palmtuinen. We bekijken de khettara van Achouria, een complex ondergronds gangen- en puttenstelsel voor de bevloeiing van de palmtuinen. In de namiddag gaan we op zoek naar fossielen in de buurt van Erfoud van Silurische tot Devonische ouderdom. We vinden de fossiele resten van vele mariene dieren. Natuurlijk de beroemde trilobieten (drielobbigen), maar ook koppotigen en zeelelies. trilobieten en ammonieten (goniatieten). We bezochten een vindplaats van crinoïden (zeelelies) en nautilussen (orthoceraten): met een lange rechte schelp. Ze kunnen heel groot worden, in het gesteente zitten exemplaren van meer dan 50 cm lang.De ammonieten die we hier vinden zijn van een primitieve soort (de goniatieten). We reizen door naar Merzouga alwaar we overnachten aan de rand van de zandwoestijn, de Erg Chebbi. Een van de groepsleden is jarig en dus wordt op de rand van de Sahara een openlucht diner geserveerd met verjaardagscake en muziek. De volgende dag zeggen we zandduinen vaarwel en gaan weer richting West.

De dag wordt geheel besteed aan bestudering van voorkomens en verzameling van diverse fossielen in de buurt van Erfoud en Alnif, zoals Djebel Issoumour met Devoon trilobieten (rolled Phacops). De fossielen in de groeve Toufassrman dateren uit het Cambrium en hebben een goudkleurige limonietcoating ontstaan door postsedimentaire reactie van de organische stof in het fossiel met het ijzer in de afzetting. Dit heeft prachtig gekleurde trilobieten opgeleverd.

De omgeving van Alnif

Een uitstapje in zuidelijke richting en weer de Sahara zandwoestijn in: Djebel Tiskaouine: met Cambrium/Siluur trilobieten (Phacops, Calymenes). Deze trilobieten komen hier in grote getale voor en worden door de plaatselijke bevolking bijna industrieel gewonnen. We bekijken ook Pb-Cu verertsing in artisanale mijn met storthopen van verschillende mineralen. Het is er bloedelijk heet, meer dan 45 graden meten we er. Al vroeg maken we ons klaar voor een spectaculaire reis van Alif naar Nkob.

De Anti Atlas is de meest noordelijke opwelving van het Afrikaans schild. Het oostelijk gedeelte hiervan, de Djebel Sarhro is een vrij ontoegankelijk gebied met grote granietintrusies. We stijgen door een wild en soms buitenaards landschap naar zo’n 2000 meter. In 1933 vochten hier de lokale Berberstammen een laatste strijd tegen de Frans/Spaanse overheersing. Onderweg stoppen we om het contact tussen de Pre-cambrische granieten en de Cambrische sedimenten te bestuderen. We kunnen ons een goed beeld vormen van hoe het terrein er zo’n 600 miljoen jaar geleden moet hebben uitgezien.

De laatste dagen: van Nkob naar Ouarzazate

We bezoeken de resten van een neolithische nederzetting en rijden daarna in westelijke richting langs de zuidflank van de Sarhro en de Vallei van de Dra naar Agdz. Vlak voor we Oued Dra oversteken maken we een stop om één van de grote dolerietintrusies te bekijken die hier het land doorsnijden. Het dal van de Dra is overbekend vanwege de dadelcultuur en de burchten (kasbah’s) die her en der verspreid liggen. Na de lunch in Agdz doorkruisen we nogmaals de Anti Atlas richting Ouarzazate. We bekijken de merkwaardige patronen die ontstaan door erosie van een dik pakket gelaagde sedimenten en besteden uitvoerig aandacht aan de stromatolieten halverwege.
agaat

En dan is het al weer zover: we gaan van Ouarzazate naar Marrakech. De terugtocht naar Marrakech voert ons via de beroemde Kasbah’s van Ait Benhaddou en Telouet naar de Tizi n'Tichka in het centrale gedeelte van de Atlas. Hier zien we Hoge Atlas op zijn meest indrukwekkend. Diepe dalen waar de riviertjes gemarkeerd worden door een groen lint van akkertjes en boomgaarden en waar kleine dorpjes in de kleur van de aarde tegen de steile hellingen geplakt zijn. De tektoniek van het gebergte is even imposant en door de schrale begroeiing uitstekend te bestuderen, maar na alle geologische indoctrinatie moeten we dit vandaag misschien maar voor lief nemen. Wel gaan we dan nog met de lokale gids Aziz agaten te zoeken in dit gedeelte van de Atlas.

We blijven nog twee dagen nagenieten in Marrakech om dan beladen met onze vondsten weer terug te vliegen naar Amsterdam.