• Stichting Geologische Aktiviteiten
  • Stichting Geologische Aktiviteiten
  • Stichting Geologische Aktiviteiten
  • Stichting Geologische Aktiviteiten
Previous Next

Deze website maakt gebruik van cookies.

Ik ga akkoord
Wat is zand?
Zand bestaat uit zandkorrels. Korrels met een diameter tussen de 0,06 en 2 millimeter grootte worden zand genoemd. Kleinere korrels heten slib en grotere korrels heten grind. Deze korrels zijn door erosieprocessen ooit ontstaan uit vaste gesteenten.

Gedurende de reis van de zandkorrels door de rivierbedding kunnen er nieuwe mineralen bijkomen, omdat de rivier door andere gesteenten stroomt. Ook kunnen er mineralen verdwijnen, omdat ze helemaal zijn opgeslepen. Ten slotte kunnen er tijdens of na afzetting van zand nog mineralen worden toegevoegd of weggehaald, bijvoorbeeld omdat er grondwater door het sediment stroomt. Het grondwater kan opgeloste stoffen achterlaten of juist vaste stoffen oplossen en afvoeren. Al deze processen zijn verantwoordelijk voor de grote verscheidenheid aan zandsoorten. Wanneer je een handje zand nat maakt, zal je vaak ook zien dat het uit allerlei verschillende kleuren bestaat, allemaal verschillende mineralen dus. Deze mineraalinhoud is interessant, omdat daarmee achterhaald kan worden wat er allemaal met dat zand is gebeurd.

Kleurverschillen
Zand is dus, zoals hiervoor beschreven, meestal een samenstelling van steen- en mineraaldeeltjes. De eigenschappen worden bepaald door de herkomst van deze deeltjes. Uit gesteenten kunnen mineralen vrijkomen. Als deze tussen het zand komen, ontstaan er minerale zanden. Hoe meer de mineralen dezelfde kleur hebben, hoe meer het zand ook die kleur krijgt.

Geel-bruingeel-rood
Iedereen weet dat de Nederlandse stranden niet wit zijn. De meeste stranden zijn geel en bestaan voornamelijk uit kwartskorrels. De reden dat kwarts zoveel voorkomt in zand is omdat het een hard mineraal is. Terwijl tijdens het transport andere mineralen vaak helemaal worden vergruisd en opgeslepen, komt kwarts vaak als winnaar uit de bus en is het de enige die overblijft. Dit kwartszand is wit tot geel van kleur. De gele kleur wordt vaak veroorzaakt door een klein laagje roest (ijzeroxide) dat om korrels heen zit en overkorsting wordt genoemd. Dit roestlaagje kan vele kleurschakeringen geel-bruin-rood veroorzaken en is op vele plekken in de
wereld te zien van stranden tot woestijnen.
Fig.1: Zicht op strand noordkant Texel.
Fig. 2: Erg Chebbi, Marokko.
Rood
Op vele plaatsen in de wereld kunnen donkerrode stranden of donkerrode plekken op de stranden gezien worden. Dit wordt veroorzaakt door het mineraal granaat.

Als je dit zand met een vergrootglas bekijkt dan kun je soms nog iets van de kristalvorm van granaat herkennen: rond met twaalf vlakken, vergelijkbaar met de vlakken van een voetbal.

Ook in Nederland kan dit aangetroffen worden aan de kust bij Bergen-Petten en op Vlieland. Vaak ligt het tegen de duinen en is het te zien na een fikse storm.

Wereldwijd zijn er vele voorbeelden van Alaska tot Hawaï en Scandinavië, Azië tot Australië.
Fig. 3: Strand ten zuiden van Swakopmund, Namibië.
Fig. 4: Detail van strand bij Swakopmund.
Fig. 5: Onder de microscoop blijkt granaat wat meer kleurschakeringen te hebben. Granaatzand zand, Yala National Park, Sri Lanka.
Wit
Fig. 6: Strand Himmafushi, Malediven.
Organische zanden ontstaan door de oceaan: koraal en schelpen worden vermalen tot enorm kleine stukjes en gaan een (groot) deel uitmaken van het zand. Veel stranden danken hun lichte kleur aan de schelpen, het koraal en de mineralen in de nabije omgeving. Deze zijn vaker lichtgekleurd, dan donkergekleurd. Dus pure koraal-/schelpenresten stranden zijn in het algemeen wit met soms gekleurde schelpen en koraalrestanten erin.

Nog meer “wit”
Wanneer zand voor meer dan 99,6% uit kwarts bestaat, spreken we van zilverzand. Dit is herkenbaar aan de witte kleur. We kennen het met name uit Limburg en omgeving. In Zuid-Limburg wordt zilverzand van Neogene ouderdom gewonnen (23 tot 2.6 miljoen jaar geleden).

Zilverzand bestond oorspronkelijk niet uitsluitend uit kwarts. Het rivierzand, waaruit dit zilverzand is ontstaan, is na afzetting in de bodem blootgesteld aan grondwater met humuszuren. Hierdoor zijn alle andere bestanddelen uit het zand aangetast, opgelost en afgevoerd, waardoor alleen de kwartskorrels over zijn gebleven.
Fig. 7: Sibelco zandwinning bij Heerlen.
Zwart
Bij zwarte zanden gaat het eigenlijk altijd om vulkanische zanden, alhoewel ijzeroxide soms ook bijna zwart kan lijken. De pikzwarte kleur ontstaat doordat afgekoelde lava in de zee komt en wordt verspreid over de stranden.

Een prachtig voorbeeld van een donker strand is: Punalu’u Beach op Hawaii. Dit zand is zo zwart en daardoor zeldzaam, dat het illegaal is om het mee te nemen!
Fig. 8: Playa Echentive, La Palma, Canarische eilanden.
Naast geheel zwarte stranden worden op andere stranden (en ook aan rivieroevers) regelmatig concentraties van zwarte zandengezien. Dit zijn meestal de zware mineralen magnetiet en ilmeniet, maar kunnen ook andere zware mineralen zijn. Deze eerste twee kun je met een magneet mooi uit het zand halen. Let op! doe een plastic zakje om de magneet, anders krijg je het bijna niet van de magneet af.
Fig. 9: magnetisch concentraat, herkomst van de oever van het Pannerdensch kanaal bij Pannerden.

Groen
Fig. 10: Green Sand Beach, Big Island/Hawaï.
Punalu’u Beach is niet het enige bijzondere strand op Hawaii. Papakolea Beach heeft een prachtige olijfgroene kleur, wat veroorzaakt wordt door een slakkenkegel (vulkaan) die lava de zee in bracht. Deze lava bevatte nogal wat olivijn, wat de groene kleur veroorzaakt.

In vele vulkanische zwarte zanden kunnen in meer of mindere mate olivijn korrels worden gezien. Zij zijn te midden van de zwarte korrels goed te herkennen door hun heldere geelgroene uiterlijk. Bijvoorbeeld het Playa Janubio op Lanzarote.

Ander groen
Een ander groen zand is het glauconietzand. Glauconiet is een mineraal dat vaak wordt gevormd bij verwering van kleimineralen. Dit gebeurt alleen in ondiepe warme zeeën waar niet te veel sediment aangevoerd wordt. Glauconiet is een autochtoon mineraal, dus op de plek van afzetting gevormd. Als je glauconiet aantreft in zand dan weet je zeker dat dit vroeger in een ondiepe, warme zee is afgezet. In Nederland kennen we glauconietzand bijvoorbeeld uit de Vaals Formatie uit het Laat-Krijt (99,6 tot 65,5 miljoen jaar geleden) en de Breda Formatie uit het Mioceen (23 tot 5,3 miljoen jaar geleden) en Vroeg-Plioceen (5,3 tot 3,6 miljoen jaar geleden).

Zandsteen
In bovenstaande zijn een groot aantal verschillende kleuren van zand verklaard. Zandsteen is eigenlijk niet veel anders dan “versteend” zand. De zandkorrels zijn op een of andere manier aan elkaar gekit. Zo goed los zand allerlei kleuren kan aannemen, blijft die kleur meestal behouden als het zand tot zandsteen wordt omgevormd. Als het om verschillend gekleurde lagen zand gaat, ontstaan er prachtige gelaagde zandsteen afzettingen met grote kleurschakeringen.
Fig. 11: Zandsteen, Libische woestijn ten zuiden van Teneida, Egypte
Alle foto’s zijn gemaakt door Nynke Posthuma, met uitzondering van figuur 7 (Foto Cobouw) en figuur 9 (Anneke de Jong)
Referenties:
  1. www.geologievannederland.nl 
  2. Berendsen, H.J.A. 2004. De vorming van het land. - Van Gorcum & Comp, Assen.
  3. Cobouw.nl, “Zandwinning Heerlen blijft nog twintig jaar bestaan” - Mario Silvester, 30 maart 2015.
  • Geen reacties gevonden
Powered door Komento

Agenda

Voor een overzicht van de geplande geologische activiteiten (voorheen GEA Kalender), zie geologie.nu